Individualisering, eigen regie, maatwerk; het zijn begrippen die het onderwijs van de afgelopen jaren sterk hebben gevormd. Tegelijkertijd groeit de zorg over wat die focus doet met jongeren én met onderwijsprofessionals. Problemen worden snel bij het individu gelegd, leer- en ontwikkelvragen krijgen een therapeutische lading en docenten ervaren steeds vaker handelingsverlegenheid.
‘Gedeelde verantwoordelijkheid voor alle studenten’
Deltion College in Zwolle kiest daarom bewust een andere koers. Met de Werkplaats Pedagogiek werkt de mbo-instelling aan een gedeeld pedagogisch fundament waarin het collectief centraal staat. ‘Pedagogiek is geen extra taak voor docenten, maar de kern van ons onderwijs,’ zegt Marieke Gierveld, programmamanager van de Werkplaats Pedagogiek. Het schoolbrede programma richt zich op het versterken van pedagogische professionaliteit in het primaire proces en de ondersteunende structuren. ‘Het gaat om drie vragen: waartoe leiden we op, hoe doen we dat en hoe doen we dat samen? Dat laatste is misschien wel de meest onderschatte vraag.’
Dagelijkse praktijk
Die brede benadering spreekt ook Bert Wienen aan, auteur van onder meer Inclusief Onderwijs en Laat/d de pedagogische basis met rust. Hij is vanuit het Instituut voor Inclusief Onderwijs als adviseur betrokken bij Deltion, maar benadrukt dat zijn rol verder gaat dan meedenken op afstand. ‘Pedagogiek ontstaat niet in beleidsstukken, maar in de dagelijkse praktijk. Daarom loop ik mee met teams, in lessen en werkplaatsen.’
Wat hem daarbij opvalt, is hoe bescheiden veel mbo-docenten en instructeurs over zichzelf spreken. ‘Je hoort regelmatig uitspraken als: “wij doen maar mbo” of “ik ben maar instructeur en niet echt een pedagoog”. Terwijl je, als je echt meekijkt, ziet hoeveel pedagogische kracht er bij hen zit.’
Juist het mbo maakt leren zichtbaar. Op de campus van Deltion sleutelen studenten aan auto’s, bakken brood of maken meubels. In die context leren zij een vak én hoe zij zich verhouden tot anderen, tot werk en tot de samenleving. ‘Docenten leiden studenten binnen in een nieuwe wereld,’ zegt de adviseur. ‘Dat is pedagogiek in de meest pure vorm.’
Pedagogisch antwoord
De Werkplaats werkt vanuit vijf pedagogische principes. Ze zijn tot stand gekomen in nauwe samenwerking met docenten. Bert: ‘We hebben in het begin op allerlei plekken inspiratiesessies en lezingen gehouden. Daarin hebben we vooral ingezoomd op de individualisering en de therapeutisering die we zien in de maatschappij én in het onderwijs. We lieten zien wat een pedagogisch antwoord zou kunnen zijn op deze ontwikkelingen en hielden een pleidooi voor een sociaal model van inclusief onderwijs.’
‘Vervolgens hebben we allerlei dialoogsessies georganiseerd om samen met collega’s te ontdekken wat voor ons belangrijke uitgangspunten zijn,’ vervolgt Marieke. ‘Zo hebben we vijf pedagogische principes vastgesteld.’
Kleur bekennen
Deltion heeft die vijf pedagogische kernprincipes organisatiebreed omarmd. De eerste twee gaan over de basis van het onderwijs: vorming en de pedagogische relatie. De overige drie geven richting aan de specifieke invulling die Deltion wil geven: professionele collectieve verantwoordelijkheid, normaliseren wat bij het leven hoort, en een cultuur van hoge verwachtingen. ‘Met deze principes bekennen we kleur,’ zegt Marieke. ‘We laten hiermee zien hoe wij naar de wereld kijken en welke rol we daarin zien voor ons onderwijs.’
De principes zijn geen papieren werkelijkheid gebleven. Ze vormen het fundament onder verdere ontwikkelingen in de school. Vanuit het programma krijgen teams ondersteuning en begeleiding, docenten krijgen hulp bij handelingsverlegenheid en er is een dialoog gecreëerd over wat goed onderwijs betekent. Ervaren collega’s helpen docenten bij pedagogische vragen in de klas.
Normaliseren
Een belangrijk onderdeel van de Deltion-aanpak is het normaliseren van wat bij het leven hoort. Niet alles problematiseren, niet alles psychologiseren. ‘Studenten leren vaak juist van frictie en teleurstelling,’ zegt Marieke Gierveld. ‘Pedagogische weerstand is soms nodig.’ Volgens Bert Wienen is dat essentieel voor inclusief onderwijs. ‘Inclusie betekent niet dat je voor iedere student een individuele oplossing bedenkt. Het betekent dat je de onderwijscontext versterkt.’
Verantwoordelijkheid terug
‘We willen voorkomen dat vragen automatisch leiden naar ondersteuning buiten de klas,’ zegt de programmamanager. ‘Hiermee benutten we de kracht van de onderwijscontext.’ Bert geeft een concreet voorbeeld: ‘Een student met prikkelgevoeligheid hoeft niet automatisch weg te blijven uit de muziekles. De muziekdocent kan juist binnen zijn vak veel doen om die student te ondersteunen.’ Daarmee verschuift de verantwoordelijkheid terug naar waar die volgens Deltion hoort: het onderwijs zelf. Niet als extra belasting voor docenten, maar als erkenning van hun pedagogische vakmanschap.
Teams krijgen daarbij ruimte om de principes te vertalen naar hun eigen context en om hun eigen normen te ontwikkelen. ‘Zo kan een team besluiten dat mobiele telefoons in het eerste jaar in de tas blijven, in het tweede jaar op tafel mogen en in het derde jaar volledig vrij zijn,’ legt Marieke uit. ‘Een ander team kiest een andere aanpak. Belangrijk is dat het bijdraagt aan het leren en aan het collectief.’
Houding docenten verschuift
Die gerichtheid op het collectief en de hoge verwachtingen vragen een andere houding van docenten. Bert: ‘Je ziet een verschuiving van “dit is mijn les, mijn klas” naar gedeelde verantwoordelijkheid voor alle studenten. In de praktijk betekent dat dat een docent die een student begeleidt ook rekening houdt met wat er gebeurt bij zijn of haar collega. Het is mooi dat het bij de praktijkvakken goed gaat, maar wat kun jij eraan doen dat ook jouw collega bij rekenen een goede les kan geven?’ Keuzes maken die niet voor jou als individu, maar collectief het beste zijn, vraagt vertrouwen en lef, zegt Marieke. ‘Maar we zien dat docenten dit ook als erkenning ervaren. Hun pedagogisch vakmanschap doet er weer toe.’
Deltion betrekt ook nadrukkelijk de ondersteunende diensten. ‘Zij moeten ook nadenken over wat nodig is om docenten en studenten optimaal te ondersteunen. Roosters, leslokalen en timing van overgangen zijn bijvoorbeeld ook zaken die invloed hebben op het pedagogisch klimaat en leertijd.’
Gezamenlijk verlangen
De Werkplaats Pedagogiek laat zien dat pedagogiek niet gaat over zachte zorg of strakke regels. Het gaat over de vraag wat onderwijsprofessionals waardevol vinden voor de ontwikkeling van studenten. Bert: ‘Niet: wat werkt er voor hen, of hoe krijgen we ze zo snel mogelijk door de opleiding heen, maar: wat vinden wij zelf belangrijk en waardevol voor hun ontwikkeling, en hoe openen we de wereld en hun vak voor onze studenten?’
Marieke hoopt dat meer scholen die vraag durven stellen. ‘De wereld verandert snel, maar juist daarom hebben studenten stabiliteit nodig. Niet elke trend volgen, maar bewust kiezen. Dat vraagt tijd, reflectie en moed – maar het levert onderwijs op dat sterker, inclusiever en menselijker is.’