1 Wat gaat er veranderen?
Er komen nieuwe kerndoelen voor het primair onderwijs, speciaal onderwijs en de onderbouw van het voortgezet onderwijs, en nieuwe examenprogramma’s voor de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. Vanaf het komende schooljaar gaan de nieuwe kerndoelen van Nederlandse taal en rekenen en wiskunde van start. Het schooljaar daarna volgen de andere vakken.
De huidige kerndoelen zijn twintig jaar oud, vertelt Nathalie van der Wal. ‘De wereld verandert in een rap tempo en wordt complexer, digitaler en kwantitatiever. Het is dus belangrijk dat er nieuwe kerndoelen zijn ontworpen die aansluiten bij de huidige en toekomstige maatschappij waarin leerlingen zullen gaan functioneren. Het ontwikkelen van kritisch denken is hierbij essentieel.’
‘Binnen de kerndoelen rekenen en wiskunde ligt de basis bij wiskundig denken en redeneren. Er is meer focus op het wiskundige proces, op begrip en inzicht en vaardigheden zoals modelleren en probleemoplossen. Dit alles gaat hand in hand met vlot en flexibel kunnen rekenen. Daarnaast is de wiskundige attitude belangrijk: nieuwsgierig zijn, samenwerken, fouten durven maken en vooral ook plezier beleven.’
Er zijn bij de nieuwe kerndoelen voor rekenen en wiskunde in het voortgezet onderwijs twee belangrijk hoofddoelen. ‘Als eerste, zorgen dat er gecijferde burgers van school komen die zich goed staande kunnen houden in de maatschappij. En als tweede is het natuurlijk belangrijk dat leerlingen na het voortgezet onderwijs klaar zijn voor vervolgonderwijs.’
‘Kritisch denken essentieel’
2 Hoe kijkt de Inspectie van het Onderwijs in het toezicht naar de nieuwe kerndoelen?
‘De inspectie stimuleert tot augustus 2031 de invoering van de nieuwe kerndoelen. Vanaf september 2031 gaat de inspectie handhavend toezien. In de overgangsperiode kunnen er na een onderzoek op een school wel herstelopdrachten gegeven worden, maar niet op de nieuwe kerndoelen. Scholen hebben in die periode bovendien het zogenoemde overgangsrecht; ze mogen tot september 2031 kiezen of ze op basis van de huidige of nieuwe doelen werken per leergebied en per leerjaar.
Nathalie wil benadrukken dat de inspectie scholen wil aanmoedigen om met de nieuwe kerndoelen aan de slag te gaan. ‘De nieuwe kerndoelen van Nederlandse taal en rekenen en wiskunde omvatten ook de oude kerndoelen, dus het is niet zo dat je niet meer voldoet aan de oude kerndoelen als je met de nieuwe kerndoelen aan de slag gaat. Begin als school met zorgen dat je goed geïnformeerd bent. Heb je als school de nieuwe kerndoelen al naast je huidige curriculum gelegd en bekeken welke aanpassingen nodig zijn? En is er bijvoorbeeld scholing nodig voor het team?’
‘Vakoverstijgend bezig zijn’
3 Waar zie jij, als expert rekenen en wiskunde bij de inspectie, de grootste kansen?
‘Als eerste in de samenhang met andere vakken. Dus vakoverstijgend met rekenen en wiskunde bezig zijn. Denk bijvoorbeeld aan het analyseren van data van een natuurkunde- of scheikundepracticum in de wiskundeles. Of bijvoorbeeld grafieken en tabellen uit de aardrijkskunde- en economielessen gebruiken bij wiskunde.
En andersom: afspreken hoe bij toegepaste vakken de onderliggende wiskunde benadrukt en gebruikt kan worden. Zo kunnen leerlingen leren herkennen dat wiskundige principes hetzelfde zijn bij verschillende vakken en wordt transfer gestimuleerd. Hiervoor is het wel belangrijk dat secties elkaar goed weten te vinden. Het is aan de schoolleiding om dit te faciliteren. Vakoverstijgend werken helpt ook met het betekenisvol maken van wiskunde. Samen met het gebruik van herkenbare wiskundige problemen uit het dagelijks leven kan dit de motivatie van leerlingen verhogen en wiskundeangst verminderen.
Een andere mooie kans zie ik in het wiskundig denken en redeneren in de klas als uitgangspunt te nemen. Meerdere wegen kunnen leiden naar het antwoord of er zijn meerdere antwoorden mogelijk. Juist die wegen met elkaar ontdekken, onderzoeken en bespreken is waardevol en helpt het wiskundig denk- en redeneervermogen van leerlingen te ontwikkelen. Gebruik fouten om denkprocessen te bespreken en op die manier te leren van elkaar.’