Bij moeilijke kwesties grijpen docenten vaak terug op wat zij dagelijks doen: handelen. Problemen worden snel vertaald naar concrete ingrepen om het onderwijs direct te verbeteren. Dat klinkt bijvoorbeeld zo: ‘Het is jammer dat ons eindexamencijfer al tien jaar daalt. Bij de examens lijkt het vooral te gaan om begrijpend lezen. We moeten in de onderbouw gewoon meer toetsen op begrijpend lezen.’

Het vraagstuk wordt hiermee direct omgezet in een quick fix, zonder het eerst samen te onderzoeken. Die keuze is begrijpelijk. In het klaslokaal werken docenten voortdurend in het moment. Die actiestand helpt om lessen goed te laten verlopen, maar werkt juist tegen bij complexe problemen, die vragen om vertraging en gezamenlijk onderzoek.

Snelle oplossingen zijn gericht op...

Benieuwd naar de rest van het artikel?

Word nu abonnee en krijg onbeperkt toegang tot alle artikelen op van12tot18.nl, inclusief persoonlijk profiel om artikelen makkelijk te selecteren, delen en bewaren.