In groep 7 kreeg ik een vmbo kader/tl advies, lager dan bij mij past. Waren mijn cijfers ondergemiddeld? Nee. Was mijn band met de leerkrachten goed? Nee. Was ik eigenwijs? Absoluut! Achteraf denk ik vaak terug aan dat moment als de aanleiding die mij ertoe aanzette – eigenwijs als ik ben – om het tegendeel te bewijzen. Dat lukte, want ik ontdekte dat ik wel degelijk een hoger niveau aankon. Ik was geen one size fits all-leerling, maar een leerling met typisch pubergedrag die net als ieder ander vooral begrepen wilde worden.
Toen ik een aantal jaar geleden tijdens mijn minor voor de bachelor Biomedische Wetenschappen weer op de middelbare school kwam, zag ik mezelf terug in die zoekende, zichzelf ontwikkelende leerlingen. Die leerlingen moeten fouten mogen maken om te leren. Ze willen gezien worden en zich gesteund voelen. Ze weten vaak heel goed wanneer ze iets verkeerd doen, en daar mag je ze ook op aanspreken – maar je moet dat niet steeds opnieuw doen. Oude koeien uit de sloot halen met opmerkingen als: ‘Weet je nog, de vorige keer toen je dat fout deed? Niet wéér doen, hé?’ zijn onnodig. Hoe kunnen ze zich ontwikkelen als we ze geen vertrouwen geven om opnieuw te proberen?
Voor de klas staan draait niet alleen om passie voor een vak, maar vooral om passie voor de maatschappij en de jongeren die daarin hun plek proberen te vinden. Het gaat erom ze de juiste richting te wijzen en tegelijkertijd een veilige plek te bieden waar ze kunnen ademhalen. De ene leerling heeft dat meer nodig dan de andere. Ja, er wordt veel van ons docenten gevraagd, makkelijk is het zeker niet. Maar met open ogen en een open hart komen we al ver.
Ik wil vooral meegeven altijd geworteld te blijven in de basis: de kern van wat leren betekent en de persoonlijke behoeften bij het leren zijn voor ieder individu anders. Tijdens mijn studententijd ben ik op veel verschillende leeromgevingen geweest: op de universiteit tijdens mijn master Onderwijswetenschappen, op de middelbare school waar ik naast mijn studie parttime werkte en op de roeivereniging, waar ik samen met ploeggenoten keihard trainde en wedstrijden roeide. En tijdens mijn stage bij het Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek (NRO), waar ik met een team een themapagina schreef over motivatie en het jongerenbrein.
Al die omgevingen hadden hun eigen doelen, hun eigen leerbehoeften en hun eigen manier van werken. Maar één ding hadden ze gemeen: uiteindelijk willen mensen in al die leeromgevingen gezien en gewaardeerd worden voor hun werk en hun inzet.
Wat is eigenlijk mijn eigen leerbehoefte? Op dit moment werk ik als projectleider bij het Onderwijsnetwerk Zuid-Holland, waar ik veel leer over samenwerking, vernieuwing en de praktijk van het onderwijs. Toch merk ik dat mijn nieuwsgierigheid naar het wat en waarom blijft. In de toekomst wil ik me graag verder verdiepen in een onderwijskundig thema, en misschien zelfs promoveren op een onderwerp dat me écht inspireert en waarin ik mijn enthousiasme en gedrevenheid volledig kwijt kan.