‘Een leerling is een kind en geen lijstje cijfers’

Scholengemeenschap Dalton Voorburg maakt sinds een jaar gebruik van een LVS. Waarvoor zetten ze het in? En wat doen ze nog meer om de ontwikkeling van leerlingen te volgen? Maurice Visser, docent Frans en leerjaarcoördinator brugklas bij Dalton Voorburg, deelt zijn ervaringen.

We spreken Maurice Visser vlak voor de meivakantie, een maand nadat scholen de brief van minister Slob hebben ontvangen met informatie over het Nationaal Programma Onderwijs.

Het eerste wat ons opviel in de brief van minister Slob was de aandacht voor het breed volgen van leerlingen. Dus niet alleen op cognitief gebied, maar ook in hun sociaal-emotionele en executieve ontwikkeling. Hoe kijken jullie daar op Dalton Voorburg naar? “Het past bij het Daltononderwijs om naar meer te kijken dan resultaten alleen. Een leerling is een kind en geen lijstje cijfers. De wet heeft bepaald waar de hele groep bij het diploma moet zijn, maar de weg ernaartoe is adaptief. Die is voor elk kind anders. Wij kijken meer naar wat een kind nodig heeft en iets minder naar de groep als geheel.”

En die individuele ontwikkeling volgen jullie nu dus ook met een LVS? “Klopt. Daar zit een mooie tool in: grafieken die de ontwikkeling van een leerling laten zien. We nemen overigens al langer een meting af bij de start van de brugklas, voor begrijpend lezen, taalverzorging en rekenen. Maar dat deden we voorheen met verschillende platforms. Dat maakte het proces wat omslachtig. Min of meer bij toeval zijn we toen tegen het JIJ! LVS van Bureau ICE aangelopen. Uit nieuwsgierigheid heb ik een proefaccount aangevraagd en ben ik wat in het systeem gaan rondneuzen. Daar werd ik enthousiast van. Vervolgens werd ik leerjaarcoördinator brugklas en mocht ik alles gaan organiseren. Daar zit alles in, ook die sociaal emotionele ontwikkeling.”

Waarvoor zetten jullie het LVS in? “In eerste instantie ter vervanging van de beginmeting die we al deden bij aanvang van de brugklas. Dat blijven we ook doen. Daarna heb ik collega’s van de taal- en rekensecties en van andere jaarlagen uitgenodigd om na te denken over wat we er nog meer mee kunnen. We gaan ook werken met een meting aan het einde van de brugklas. Dat deden we nog niet. En morgen hebben we een vergadering of we ook aan het einde van het tweede en derde jaar een meetmoment gaan invoeren. Want ontwikkelen houdt niet op na de brugklas.”

Hoe gebruiken jullie de gegevens uit het LVS? “Op dit moment zien wij die als extra informatie over de leerling. Een JIJ!-meting is geen proefwerk, maar een extra gegeven dat we kunnen meenemen als we met een kind praten. Of over een kind met de ouders praten. Naarmate je dichter bij het examen komt, zou je de gegevens ook kunnen gebruiken om te signaleren of leerlingen een bepaald streefniveau halen. Maar in de onderbouw gaat het mij te ver om dit op één JIJ!-meting te baseren. Dat strookt niet met onze visie. Het kan wel een indicatie geven dat iemand extra ondersteuning nodig heeft op een bepaald gebied. Net zoals wij van de vakdocent willen horen of die extra ondersteuning wenselijk is. Of van de basisschooldocent van groep 8, voor de start van het schooljaar. Als een JIJ!-meting dat beeld bevestigt of daar juist zichtbaar van afwijkt, dan is dat een extra aanleiding om in gesprek te gaan.”

Afbeelding met persoon, muur, person, baksteen

Automatisch gegenereerde beschrijving

Maurice Visser

Je gebruikt het dus vooral voor formatief evalueren? “Ja, met dit systeem kun je het kind volgen in zijn ontwikkeling. En liever nog heb ik het over feedback. Dat je elke toets gaat beschouwen als een meting op basis waarvan je kunt handelen met feedback. De toetsen zijn uitgesplitst in deelvaardigheden, waardoor je op elk stukje kunt zien: waar staat een kind? Het feit dat je op deelaspecten kunt meten, zorgt ervoor dat we leerlingen meer inzicht kunnen verschaffen over specifieke ontwikkelpunten.”

“Daar zouden we meer mee willen doen. Dat je echt met een kind gaat zitten voor die feedback. De ene collega is daar verder in dan de andere en bij het ene vak zijn we daar verder in dan bij het andere. Dat is ook prima. Zo zit het onderwijs in elkaar. We zijn geen bedrijf dat een visie van bovenaf oplegt. De gebruiksvriendelijkheid van het systeem is fantastisch en de potentie is enorm. We zijn er simpelweg nog niet aan toegekomen om alles eruit te halen wat erin zit.”

Wat is er volgens jou nodig om meer uit jullie LVS te halen? “Tijd! De techniek is er, nu de tijd nog. Met lessen van 50 minuten en dertig kinderen voor je neus, is er weinig ruimte voor feedback. Laat Slob maar aankomen met ruimte en tijd in plaats van een zak geld. Dat zou ons meer helpen.”

“Verder vind ik het ook niet erg dat we er nog niet alles uithalen. We moeten systemen niet leidend maken, het kind is het belangrijkste. De ene keer gebruik je Magister vanwege de rapportcijfers. De andere krijg je vanuit JIJ! een signaal over de ontwikkeling van een leerling. Ik beschouw het als een tweede scherm dat we erbij hebben om een completer plaatje te krijgen. Als een instrument waarmee we ons beeld kunnen bijstellen of bevestigen.”

“Bij ons heeft elke klas twee coaches, die de kinderen wekelijks spreken in coronatijd. We hebben een open cultuur waarin kinderen kunnen zeggen wat ze dwars zit en waar ze hulp bij nodig hebben. De meeste leerlingen hebben we echt wel in het vizier. En natuurlijk is het goed om je af te vragen: waar baseer je dat op, waar staaf je dat mee? Maar voor mij staat voorop dat onderwijs mensenwerk is en blijft.”

Je noemde minister Slob nog even. Op dit moment gaat het, mede door de brief over het Nationaal Programma Onderwijs, veel over leerachterstanden. Bij jullie ook? “Volgens mij moeten we ophouden met dat roepen over achterstanden. Ja, die kunnen er zijn. En er is wetenschappelijk onderzoek dat dit constateert. Maar vervolgens moet je ze oplossen. En dat doe je niet door zo hard mogelijk te roepen dat er leerachterstanden zijn of door er een grote bak geld tegenaan te smijten. Het begint bij een docent die tegen een leerling zegt: als het vandaag niet lukt, dan kijken we samen hoe het morgen wel kan.”

Celine van Gemert werkt bij Bureau ICE. Maurice Visser is docent Frans en leerjaarcoördinator brugklas bij Dalton Voorburg.

Over JIJ!

Het team van JIJ! ondersteunt scholen om zicht te krijgen op waar leerlingen staan en wat ze nodig hebben om te groeien. Dat kan met trainingstrajecten om formatief evalueren een centrale plek in het onderwijs te geven. Maar ook met de inzet van het JIJ! Leerlingvolgsysteem. Wil je meer weten: [email protected].

 

 

Delen: