Ponderosa levert zorg en onderwijs aan tien tot vijftien jongeren (13-23 jaar) die uitvallen in het reguliere schoolsysteem. Initiatiefnemer Mirjam Olsthoorn legt uit dat de jongeren graag en goed leren, maar sociaal en emotioneel vastlopen in het systeem. ‘Deze jongeren hebben een andere manier van denken en doen. Wij spreken van een complex brein; in de volksmond worden de jongeren hoogsensitief en hoogbegaafd genoemd. Ze hebben andere dingen nodig om te groeien dan wat het huidige schoolsysteem biedt.’
Voordat de jongeren bij Ponderosa terechtkomen hebben ze al veel voor hun kiezen gehad. ‘Van jongs af aan kost het ze grote moeite om overeind te blijven,’ zegt Karen Overdijkink. ‘Ze zijn moe en vaak ziek of worden gepest. Dat stapelt op tot ze het niet meer volhouden, meestal rond de overgang naar het voortgezet onderwijs. Ze denken dat het aan hen ligt en trekken zich steeds verder terug.’ Veel jongeren ontwikkelen extreme onzekerheid, faalangst, het vermoeidheidssyndroom of psychische problematiek zoals een angststoornis, depressie en suïcidale gedachten. Functioneren lukt niet meer en ze komen thuis te zitten zonder onderwijs.
Angst voor afwijzing
Volgens Mirjam en Karen bestaat er in het huidige systeem een vooropgesteld beeld van waar kinderen aan moeten voldoen: er wordt te weinig gekeken naar wat het individuele kind kan of nodig heeft. Karen vertelt over een meisje bij Ponderosa dat liever regulier onderwijs had gevolgd – net als haar vrienden – maar daarin niet overeind blijft. ‘Ze durft bijna geen antwoord te geven in de les of bij toetsen, omdat ze niet weet wat de leraar van haar wil horen. Er zijn meerdere manieren om een vraag te beantwoorden, maar hoe doe je het goed? De angst om afgewezen te worden door een fout antwoord is groot; alsof er alleen goede en foute antwoorden zijn.’
‘Leren is superleuk’
Anna Harkema, 16 jaar: ‘Ik heb het ruim drie jaar volgehouden in het vo. Het voelde steeds meer als overleven tot ik naar huis mocht. De geluiden, de prikkels, de manier van lesgeven… Ik kon me niet concentreren en had paniekaanvallen. Er werd niet veel mee gedaan. Ik moest maar blijven zitten, zeiden ze. Dankzij Ponderosa kom ik meer buitenshuis, ik ben socialer en graag creatief bezig. Ik voel me rustiger hier. Thuis werk ik aan vakken zoals geschiedenis en wiskunde; daarin begeleidt Ponderosa me. Hierna zou ik graag naar de universiteit gaan, want ik vind leren superleuk.’
Terug bij de kern
De jongeren die bij Ponderosa komen, hebben vaak al jaren thuisgezeten. Het kost tijd voordat ze zich weer veilig genoeg voelen om tot leren te komen. Mirjam: ‘Als je constant op je hoede bent omdat je wordt gepest, fouten maakt of voelt dat je niet geaccepteerd wordt, zit je brein in de overlevingsstand. Het cognitieve denken werkt dan niet goed. Leren lúkt gewoonweg niet.’
Karen legt uit dat ze eerst zorg bieden en dan onderwijs. ‘De gemeenschap is in die zorg heel belangrijk: jongeren leren om voor de plek te zorgen én om de plek voor hem of haar te laten zorgen.’ Maar het eerste contact is vooral met de begeleiders, want de meeste jongeren hebben slechte ervaringen in groepen. De begeleiders zoeken voorzichtig naar een “ingang”; elke jongere heeft een eigen manier van ontwikkelen. Bij de een gaat dat via boeken, bij de ander via muziek of de natuur. ‘We tasten af wat de jongere motiveert. Dan kom je terug bij de kern en kan hij of zij zich weer ontwikkelen.’
‘Ik ben geen project’
Lotte Hummelink, 17 jaar: ‘Ik wist niet dat ik last had van overprikkeling; alleen dat er iets mis was. Elke dag kwam ik doodmoe thuis en moest dan toch weer aan de slag voor school. Alles voelde als te veel. Ik kreeg hoofdpijn en moeite met sociale situaties. Ik bleef proberen, want iedereen kon dit toch? Tot ik merkte dat ik er kapot aan ging. Bij Ponderosa heb ik het gevoel dat je snel begrepen wordt als je een beetje anders bent. Ik ben graag creatief bezig, maak muziek, voer interessante gesprekken. Het is gezellig, een community. Ik heb geleerd dat niet veranderd moet worden hoe ik ben. Ik ben geen project. Nu ben ik minder bezig met wat ik verkeerd doe en meer met hoe ik om kan gaan met mezelf.’
Intrinsieke motivatie
Op Ponderosa is daar alle ruimte voor. Op het terrein is een moestuin en in de buurt zijn grasvelden en uitgestrekte bossen voor sport en spel. Binnen kunnen jongeren muziek of kunst maken, koken, lezen en meer. De dag verloopt volgens de interne ritmes van de jongeren; er zijn geen opgelegde structuren zoals een vast lesrooster. Ponderosa gaat uit van intrinsieke motivatie; geen extrinsieke motivatie via beloningen of druk.
De tweede fase begint wanneer jongeren zelf weer iets willen. Karen: ‘Dan worden ze weer actief, bijvoorbeeld in de kunst of cognitief. Het is een fase waarin ze mogen ontdekken, maar niets hoeven.’ Mirjam vervolgt: ‘In de laatste fase komt er ruimte voor de jongeren om te voelen waar ze naartoe willen. Een jongen had er altijd van gedroomd om advocaat te worden. Dan kijken we samen hoe hij daar kan komen: staatsexamens, een toelatingsexamen bij de opleiding, de 21+ toets.’
Handvatten voor het leven
‘Ons streven is dat de jongeren straks de wereld in kunnen zonder weer te moeten aankloppen bij een zorginstelling,’ zegt Karen. We zoeken daarom naar een duurzame ontwikkeling.’ Ze vinden allemaal een plekje in de maatschappij: vanuit Ponderosa stromen ze verder het leven in. Naar een opleiding tot laborant, milieutechnicus, psychologie of medicijnen. Anderen gaan eerst reizen of doen een muziekopleiding. Mirjam: ‘Wel blijft er een emotionele gevoeligheid en worstelen ze vaak nog met hun begaafdheid. Maar ze hebben het gereedschap gekregen om daarmee om te gaan. Een stukje zelfontwikkeling die andere jongeren pas later in hun leven doormaken. Ze zijn veerkrachtig geworden.’