Er is een aanhoudende druk op beter presteren door scholen, en er is een neiging om daarbij al snel de kwaliteiten van de leraar in ogenschouw te nemen. Dat is een internationale trend, en is ook een uitdrukking van wat in het artikel one-level-up denken wordt genoemd: als leerlingen slecht presteren, dan kijk je eerst naar de leraar (en bijvoorbeeld niet naar het onderwijssysteem of naar onderwijsbeleid). Als de leraar in beeld komt, komt ook al snel de lerarenopleiding in beeld. De auteurs wijzen nu op een beleidsdynamiek die kan plaatsvinden en die vraagt om alertheid. Dat gaat zo. Beleid dat tot doel heeft om de lerarenopleiding te verbeteren, doet vaak twee dingen: het streeft naar het aantrekken van ‘de juiste’ studenten, de jongens en meisjes die het ‘in zich hebben’. En het bekijkt kritisch het curriculum van de lerarenopleiding. Wat kan hier problematisch uitwerken? Het aantrekken van de ‘juiste studenten’ om te slagen in je onderwijs, zou je kunnen vergelijken met het aantrekken van de ‘juiste leerlingen’ op een school. Het is een ontkenning van de kracht van onderwijs. En het ingrijpen in het curriculum van de lerarenopleiding is gevaarlijk als dat ingrijpen zich te veel richt op het ‘voorbereiden van de leraar op zijn toekomstige werksituatie’. Want om een leraar ‘fit for the job’ te maken, kan ook gekozen worden voor het aanpassen van de beroepspraktijk zodat deze minder vraagt van de leraar, bijvoorbeeld door versmalling van het curriculum op de scholen, door protocollering en standaardisering. Zie daar de spiraal waarvoor de auteurs willen waarschuwen. We hebben goed opgeleide leraren nodig die juist om kunnen gaan met de ingewikkeldheid van het onderwijs en daarop moet de samenleving blijven wijzen.
Gert Biesta, Keita Takayama, Margaret Kettle & Stephen Heimanse, in: ASIA-PACIFIC JOURNAL OF TEACHER EDUCATION 2023, VOL. 51, NO. 3, 213–215
Lees hier het hele artikel:
https://www.tandfonline.com/doi/full/10.1080/1359866X.2023.2207290#.ZGTOUr_L_jY.linkedin