Alle zeilen bij voor de aarzelende lezer

Er is veel te doen over jongeren en lezen, vaak niet in positieve zin. Jongeren lezen beduidend minder dan vroeger (1), ze zijn er niet gemotiveerd voor en het niveau van hun leesvaardigheid tuimelt omlaag (2). Bovendien hebben vmbo-leerlingen na anderhalf jaar lockdowns gemiddeld een schooljaar achterstand opgelopen in leesvaardigheid (3). Vooral in vmbo basis/kader en het praktijkonderwijs staan de seinen op oranje. Maar met waarschuwen alleen zal er geen verbetering optreden; het is tijd om in actie te komen.

Vooropgesteld: talloze docenten en leesbevorderaars maken zich dagelijks sterk voor goed lees- en leesbevorderingsonderwijs. Aan hen zal het zeker niet liggen. Toch lijkt de urgentie van het probleem nog steeds niet bij iedereen doorgedrongen te zijn, of is onvoldoende bekend hoe te handelen. Nog te vaak staat men erbij en kijkt ernaar, terwijl we allang zijn beland in de fase van ‘alle zeilen bij’. Hier en daar een tandje erbij is echt niet ambitieus genoeg. Het gaat hier om onderwijstijd die beter benut kan worden, dreigende laaggeletterdheid, schoolcarrières die in de knop gebroken worden en kansenongelijkheid. Dat is geen doemdenkerij, het is helaas realiteit die vaak voorkomt.

Aarzelende lezers

Over welke leerlingen hebben we het in het bijzonder? Het gaat over jongeren voor wie lezen niet vanzelfsprekend is en behoorlijke problemen op kan leveren. In Engeland zouden ze spreken van reluctant readers, onze Vlaamse taalgenoten noemen ze wel aarzelende lezers. Een sympathieke omschrijving voor leerlingen die lezen moeilijk en/of saai vinden, die zelden of nooit lezen in hun vrije tijd en die misschien zijn opgegroeid in een arm leesmilieu. Het gaat om jongeren die vaak op de basisschool al ondervonden dat lezen niet aan hen besteed was, die telkens dachten: lezen is iets voor anderen, niet voor mij. Binnen die groep zijn jongens, vmbo-leerlingen en leerlingen met een migratieachtergrond ruim vertegenwoordigd.

De leerling centraal

Een bekwame docent treedt leerlingen met begrip tegemoet, zeker die met leer- en/of leesmoeilijkheden. Dat draait om oprechte belangstelling voor de leerling, om een adequate en passende didactiek en om een veilig pedagogisch klimaat. De kreet ‘onderwijs op maat’ hoor je in dit verband regelmatig passeren. In de praktijk van alledag staat in veel scholen echter niet de leerling centraal, maar het lesprogramma. De lesmethodes en het toetsbeleid blijken leidend, niet per se wat de individuele leerling nodig heeft.

Alle hens aan dek

Er zijn scholen die leesonderwijs nog steeds uitsluitend op het bordje van de collega’s Nederlands droppen. Zij zijn toch de deskundigen bij uitstek? Helemaal waar, maar om lezen goed op de kaart te zetten binnen een school is alle hens aan dek geboden. Lezen speelt bij ieder vak een rol, elke docent heeft baat bij leerlingen die goed kunnen lezen. Zoals docenten in het voortgezet onderwijs er niet simpelweg vanuit kunnen gaan dat goed leren lezen voor alle leerlingen afgehandeld is op de basisschool, zo kunnen docenten van andere vakken niet verwachten dat hun collega’s Nederlands de leesvaardigheid wel even regelen. Elke docent behoort op de hoogte te zijn van de impact van lezen en hoe je aarzelende lezers kunt ondersteunen. De kennis daarover draait voornamelijk om het volgende.

  • Door lezen vergaar je kennis en neem je leerstof tot je. Als je het kunt, kost het minder tijd en moeite. Je resultaten pakken hoger uit en je schoolcarrière verloopt een stuk eenvoudiger. Goed kunnen lezen is de belangrijkste factor die de schoolcarrière positief beïnvloedt.
  • Hoe ouder leerlingen zijn, hoe moeilijker de teksten in lesboeken worden. Een school kan aandacht voor leesonderwijs dus niet gaandeweg de opleiding laten versloffen.
  • Sommige docenten (maar ook (educatieve) uitgeverijen) zoeken de oplossing voor het lezen van moeilijke teksten in het versimpelen ervan. Of er wordt gezocht naar een filmpje op internet ter vervanging. Daarmee creëer je wellicht begrip, maar je leert er leerlingen niet mee lezen. Het omzeilt in feite een vaardigheid die elke leerling zou moeten beheersen.
  • Inzicht in het leesproces vergt enig verstand van zaken. De vraag hoe je een leerling daadwerkelijk kunt ondersteunen staat daarbij centraal. Welke drempels werpt een tekst op en hoe kunnen die worden geslecht? Is een leerling gebaat bij het voorlezen van de tekst of bij modeling door de leraar? Hoe zit het eigenlijk met dyslexie en leesproblemen?
  • Elke leraar zou zich moeten inleven in het probleem van slecht kunnen lezen. Aarzelende lezers hebben niet alleen cognitieve problemen, ook de emotionele en motivationele impact is vaak groot. Leesmoeilijkheden kunnen leiden tot gedragsproblemen, die niet alleen voor de leerling zelf vervelend zijn, maar ook voor de docent en klasgenoten.
  • Goed voorbeeld doet goed volgen. Docenten zijn niet te onderschatten leesrolmodellen. Een docententeam dat nadrukkelijk uitstraalt dat lezen ertoe doet en dat op alle mogelijke manieren zichtbaar maakt - niet alleen voor de leerlingen, maar ook voor hun ouders - creëert een leescultuur en draagt bij aan de vanzelfsprekendheid van lezen;.
  • Het gebruik van rijke, recente en authentieke teksten tijdens de les (bij welk vakgebied dan ook) kunnen de leerstof betekenisvoller en actueler maken en dragen zo bij aan de leesmotivatie.
  • Docenten mogen hoge verwachtingen van hun leerlingen hebben, ook als lezen niet zo goed lukt. Het is daarbij onontbeerlijk om de problemen waarmee leerlingen kampen te begrijpen en te ondervangen, en de juiste support te geven.

Elke docent een taaldocent?

‘Elke docent is een taaldocent’ wordt er soms zo gemakkelijk geopperd. Gezien het bovenstaande schuilt daar zeker een kern van waarheid in, maar er gaat wel iets essentieels aan vooraf. Wanneer een school geen leesbeleid heeft, komt er weinig van terecht. Wil je de aarzelende lezer daadwerkelijk centraal stellen, dan zal de directie werk moeten maken van een solide infrastructuur rond lezen. Dat begint met een leesbeleidsplan dat geen papieren tijger is, maar het fundament vormt voor lezen en leesbevordering in de praktijk (4) van alle vakken. Elke school zou eigenlijk een goed geoutilleerde schoolbibliotheek moeten hebben. In werkelijkheid is er de afgelopen jaren steeds meer bezuinigd op mediatheken.

Morele plicht

Het is hard werken in het onderwijs, het komt vaak voor dat maatschappelijke problemen op het bureau van de docent terechtkomen. Leerlingen goed leren lezen is echter een maatschappelijke uitdaging die in het centrum van ons onderwijs thuishoort. Wij - docenten, schooldirecties en-besturen, leesbevorderaars en andere betrokkenen - hebben de morele plicht alle leerlingen voldoende geletterd af te leveren. Als we dat nalaten, heeft dat gevolgen voor onze toekomstige samenleving. De jongeren van nu - de volwassenen van straks - worden daarin geconfronteerd met grote uitdagingen zoals de klimaatcrisis, de vergrijzing, de woningnood en toenemende segregatie. Als wij onze jongeren willen opvoeden tot mondige, kritische en vaardige burgers, dan vormt goed kunnen lezen de basis. Voor alle leerlingen, maar in het bijzonder voor de aarzelende lezers.

Peter van Duijvenboden is domeinspecialist vmbo Stichting Lezen en per 1 december 2021 werkzaam als clusterleider Nederlands aan het Mariscollege in Den Haag.

 

Elke school zou eigenlijk een goed geoutilleerde schoolbibliotheek moeten hebben. In werkelijkheid is er de afgelopen jaren steeds meer bezuinigd op mediatheken.

Peter van Duijvenboden

Wilt u meer weten en/of direct aan de slag?

Bezoek www.lezeninhetvmbo.nl. Op deze website bieden Stichting Lezen en SLO een schat aan informatie over leescompetentie en leesmotivatie. Van onderzoek tot beleid, van succesfactoren tot aan de slag. Een echte aanrader is de quickscan (5) die schoolteams helpt hun leesonderwijs in kaart te brengen en van daaruit verder te werken aan beleid en praktijk.

Wilt u meer werk maken van taalgericht vakonderwijs? Kijk dan op www.slo.nl/thema/meer/taalgericht-vakonderwijs.

Bent u op zoek naar een handzaam overzicht van de leesontwikkeling van kinderen en jongeren in de leeftijd van 0-20 jaar? Lees dan De doorgaande leeslijn die Stichting Lezen heeft opgesteld. Digitaal beschikbaar op www.lezen.nl/publicatie/de-doorgaande-leeslijn.

Recente ontwikkelingen en inzichten in het vak Nederlands zijn opgetekend in de documenten voor Curriculum.nu. Ze zijn te vinden op www.curriculum.nu/voorstellen/nederlands

De problemen met lezen in Nederland zijn in 2019 verwoord door de Onderwijsraad en de Raad voor Cultuur in het rapport Lees! Een oproep tot een leesoffensief. De oproep was gericht aan de onderwijsministers. Dat leesoffensief is op het moment van schrijven in voorbereiding. Het rapport is te vinden op www.onderwijsraad.nl/publicaties/adviezen/2019/06/24/leesadvies.

In Thinking Reading: What every secondary teacher needs to know (2018) beschrijven de Britse leesdeskundigen James en Dianne Murphy het belang van kennis over lezen van docenten van alle vakken.

Wilt u aan de slag met actueel nieuws in de klas? Kijk op www.nieuwsindeklas.nl of de lessuggesties of lessenseries geschikt zijn voor uw lesactiviteiten.

Er zijn tal van leescampagnes voor het vmbo die het plezier in lezen stimuleren: De Weddenschap, waarbij leerlingen de uitdaging aangaan om in zes maanden drie boeken te lezen; De Jonge Jury, waarin recente jeugdliteratuur centraal staat; Read2me, de voorleeswedstrijd voor alle brugklassers met een landelijke finale; De Boekenweek van Jongeren met bijzondere aandacht voor schrijversbezoeken op school; Er was eens, met aandacht voor de combinatie van lezen en creatief schrijven; Stap op de Rode Loper, een leesevenement voor vmbo in een aantal Nederlandse steden.

Wie echt werk wil maken van interessante jeugdliteratuurlessen kan terecht bij de Leescyclus, het praktische deel van Jeugdliteratuur en didactiek. Handboek voor vo en mbo (Coutinho, 2019).

www.pratenoverfictiefragmenten.nl biedt gratis boekfragmenten uit jeugdboeken (op verschillende niveaus) en lessuggesties voor vmbo en de onderbouw havo/vwo.

Een schoolbezoek van een schrijver werkt heel stimulerend, blijkt uit onderzoek. De Schrijverscentrale (https://deschrijverscentrale.nl) kan u adviseren en bemiddelt tussen schrijvers en scholen.

Vinden uw leerlingen lezen echt lastig, raadpleeg dan www.eenvoudigcommuniceren.nl. Voor eenvoudigere boeken, maar wel over onderwerpen die jongeren aanspreken.

Kijk of uw lokale bibliotheek dienstverlening aanbiedt aan het voortgezet onderwijs, bijvoorbeeld via het programma de Bibliotheek op school: https://www.lezen.nl/activiteit/de-bibliotheek-op-school/

Noten

(1) https://www.lezen.nl/onderzoek/jongeren-lezen-het-minst-en-steeds-minder-ook-boeken

(2) https://www.lezen.nl/onderzoek/leesprestaties-nederlandse-middelbare-scholieren-gaan-achteruit

(3) https://www.nponderwijs.nl/documenten/publicaties/2021/10/28/voortgangsrapportage

(4) https://www.lezeninhetvmbo.nl/handreiking-voor-het-opstellen-en-uitvoeren-van-een-taal-en-leesbeleidsplan

(5) https://www.lezeninhetvmbo.nl/sites/default/files/2019-05/Quickscan%20met%20velden.pdf

Delen: