van12tot18 agendavan12tot18 webshop
van12tot18 proefabonnementvan12tot18 estafette


btn lezen

renske-van-wezelIk ben leraar Renske van Wezel

Het beroep van leraar is van uitstraling aan het veranderen. Lange tijd stond niemand echt stil bij wat er op de schouders van een leraar rustte.

Het beroep van leraar is van uitstraling aan het veranderen. Lange tijd stond niemand echt stil bij wat er op de schouders van een leraar rustte. Een dominee preekt, een bakker bakt brood, een arts maakt mensen beter en een leraar onderwijst. Maar het besef dat onderwijs en de mensen die het maken het fundament zijn van onze samenleving, groeit. Wie zijn onze leraren en hoe staan zij in hun werk?

In 2007 stond Renske van Wezel (30) voor het eerst echt voor de klas als bevoegd docent. Nu, 10 jaar later, woont ze in Bemmel en werkt ze op de vmbo locatie van het Citadel College in Lent als docente Engels, verliesbegeleider en als trainer in intuïtieve pedagogische tact. Ze houdt ervan om met jonge mensen te werken, hen te zien ‘ont’-wikkelen.

Hoe waren jouw eerste jaren als docent?
‘Die herinner ik me als een leuke en ook leerzame tijd. Een tijd van wennen, plezier hebben, experimenteren, regelmatige ‘reality checks’, waarbij ik even onderuit ging en vervolgens met evenveel moed en enthousiasme weer opkrabbelde. Ook het gevoel dat ik ‘eindelijk’ mocht ontdekken hoe ik nou precies les wilde geven. Ik had het geluk om te mogen leren van en met geweldige en ook heel directe leerlingen. Ik was hun leraar, maar zij waren evengoed de mijne. Ik zocht veel contact met mijn leerlingen en samen zochten we naar plezier in de lessen. Ik wilde uitzoeken hoe ik ‘stof overbrengen’ vanuit mijn eigen enthousiasme en kwaliteiten kon doen. Dus ging ik veel in gesprek met mijn leerlingen en dan bouw je al snel een band op, van waaruit we fi jn samen konden werken.’

Had je vanuit je eigen schoolperiode voorbeelden van fijne leraren?
‘Ik worstelde vroeger meer dan eens met de vraag waarom ik bepaalde dingen moest leren. Ik miste onderwijs over onderwerpen die ik interessant vond. Natuurlijk deed ik het allemaal braaf, want ik was geen lastige leerling, maar voelde vooral de verplichting in het naar school gaan. En dan waren er gelukkig docenten die toch iets konden raken bij mij vanuit hun eigen passie. Zo herinner ik me mijn docent Duits, die vanuit zijn warme persoonlijkheid altijd zorgde voor een leuk en fi jn contact in de les. Bij hem kreeg je altijd de rust en het vertrouwen dat ‘het wel goed kwam’. En mijn docent kunstgeschiedenis kon zo levendig vertellen over bijvoorbeeld de bouwstijlen van oude Griekse tempels, dat ik als het ware rondliep tussen de pilaren. Heerlijk was dat. Ik werd geraakt door het enthousiasme en de passie waarmee deze mensen werkten.’

Wat heeft het onderwijs in dat opzicht volgens jou nodig?
‘Ik denk dat we in het onderwijs meer moeten gaan kijken naar verbinding, omgang van en met elkaar en welke life-tools we jong volwassenen willen meegeven, anders dan enkel op de markt en op prestatie gerichte vaardigheden. Daarin vind ik het ook belangrijk om veel meer naar de individu te kijken en te kijken wat hij/zij nodig heeft. Voor mij staat of valt goed onderwijs, en eigenlijk ieder goed menselijk contact, met verbinding en de mogelijkheid verbinding te scheppen en te ontvangen. Ik denk dat we in een tijdperk leven dat we sterk als individu hebben leren leven, maar dat we nu weer mogen kijken naar wat ons verbindt. Volgens mij gaan we dan pas weer open voor elkaar en kunnen we onderwijs zo inrichten dat een ieder op zijn/ haar manier geraakt kan worden.’

En nu ben je zelf al weer 10 jaar docent. Leer je nog steeds bij?
‘Een grote valkuil van het onderwijs is dat je als docent op een zeker moment gewoon je lessen draait, weet hoe het allemaal werkt. Langzaamaan wordt je lokaal een eilandje van waaruit je jaren ‘volmaakt’. Ik waak daarvoor. Ik ben kritisch op mijzelf en heb een drang naar onderzoeken, exploreren. Ik heb verschillende cursussen op het gebied van mentoraat en activerende didactiek gedaan. Ik ben op een gegeven moment naar een andere school gegaan waar ik zowel les gaf in het vmbo als in havo en vwo. Ontzettend goed voor mijn eigen professionalisering. Maar na een jaar besefte ik dat mijn hart toch echt bij het vmbo basis- en kaderonderwijs lag en heb ik bij het Citadel College gesolliciteerd. Een goede keus, want ik voel dat ik de afgelopen 4 jaar daar echt mijn groeibodem heb gevonden. Ik heb mij laten scholen in onder andere rouw- en verliesverwerking en mede daardoor hebben wij op school nu een ‘verliesgroep’ waarin leerlingen leren omgaan met rouw- en verlieservaringen. Ik heb ook verschillende trainingen in systemisch werk gevolgd. Ik heb ervaren hoe de inzet van systemisch werk de pedagogische tact van docenten kan versterken. Om dat verder uit te bouwen ben ik een plan gaan schrijven om docenten te trainen in pedagogische tact door middel van systemisch werken. Ik deed een subsidieaanvraag bij het Leraar Ontwikkel Fonds en die werd tot mijn grote vreugde toegewezen. Ik heb mij toen ingeschreven in het Lerarenregister, op zich prima. En de subsidie gaf mij de ruimte om mijn collega’s van het Citadel team te trainen. Echt een grote kers op mijn ‘onderwijs-taart’! Ik ben nu verbonden aan zowel het Citadel College als het Stedelijk College Eindhoven, samen met mijn collega Gerbert Sipman, onderzoeker en docent pedagogiek op de HAN. Hier mogen we de training Intuïtieve Pedagogische Tact aan docenten verzorgen.

Kreeg je voldoende ruimte van je school?
‘Ja, mijn school staat open voor professionalisering. In de start- en functioneringsgesprekken met leidinggevenden wordt ook gevraagd wat je als doel hebt voor je persoonlijke en professionele ontwikkeling. Er is ook ruimte om bij te scholen of trainingen of cursussen te volgen. In mijn hele subsidietraject voel ik ook de ruimte vanuit mijn directie om mezelf te professionaliseren. Dat is fijn.’

Wat is op dit moment een uitdaging?
‘Na 10 jaren beroepservaring durf ik van mijzelf wel te zeggen dat ik de eigenschap heb snel aan te voelen waar de kern van iets zit, of waar een vraag achter de vraag zit. Ik observeer en analyseer veel en snel. Vanuit daar kan ik vrij gemakkelijk handelen en improviseren om in verschillende situaties datgene te brengen dat nodig is.
Dat brengt tegelijkertijd met zich mee dat ik ergens vrij snel en gemakkelijk instap en daar ook prima mee kan werken maar dat ik vanuit het onderwijs soms meer planmatig en administratief te werk moet gaan dan dat me lief is. Hierin voor mij de goede balans zoeken is nog een uitdaging.’

Abonneren >>
Inschrijven nieuwsbrief >>
Kennispartners >>