van12tot18 agendavan12tot18 webshop
van12tot18 proefabonnementvan12tot18 estafette


btn lezen

de-verkwiste-tijdDe verkwiste tijd

Er is een grote discrepantie tussen het vermeende tijdgebrek in het onderwijs en de slordige wijze waarop met de factor tijd wordt omgegaan in scholen.

Werkdruk wordt vaak gerelateerd aan het hebben van te weinig tijd, maar tegelijkertijd is er erg weinig aandacht voor de systemische verkwisting van tijd door de gebrekkige organisatie van het werk, zowel voor de leraren als voor de leerlingen.

Onhandigheden in de onderwijslogistiek en in de arbeidsorganisatie leiden tot het weglekken van tijd. Het blijft verbazing wekken dat deze slordigheden maar blijven voortbestaan, blijkbaar worden onderwijslogistiek en de inrichting van de arbeidsorganisatie als onveranderbare grootheden beschouwd. De onderstaande voorbeelden laten zien dat op eenvoudige wijze veel tijd en effectiviteit gewonnen kunnen worden en de werkdruk flink kan worden verminderd.

Tijdlekkages in de onderwijslogistiek
Onder onderwijslogistiek wordt verstaan de organisatie van het onderwijs in ruimte en tijd. Het rooster, de dag- en jaarindeling, de lessentabel en toetsing zijn belangrijke items van de onderwijslogistiek.

Lestijden
Er is nog steeds een flink aantal scholen, dat vasthoudt aan lestijden van 50 of zelfs 45 minuten. Scholen die in de afgelopen jaren hun lestijd hebben veranderd in 60 of 70 minuten, of die het dagdeel als leseenheid beschouwen rapporteren alle dat er veel meer rust gekomen is. Er zijn minder leswisselingen, de lestijd wordt effectiever benut, er is minder verloren tijd door minder opstart- en les-einde-gerommel, een leraar heeft ten hoogste maar 4 of 5 verschillende groepen op een dag, leerlingen hebben voor maar een paar vakken huiswerk per dag, hetgeen beter te organiseren en plannen is dan 7 of 8 vakken, etc. Dit zijn maar enkele van de vele voordelen van langere lestijden.

Dagindeling
Mede door het vasthouden aan ouderwetse lestijden en achterhaalde roostertechnieken, vertoont op menige school de weekindeling een rafelige rand in de middag: voor leerlingen en leraren eindigen de dagen steeds op een ander tijdstip. Door voor leerlingen en leraren alle dagen op hetzelfde tijdstip te laten eindigen, bijvoorbeeld 15 u, kunnen leerlingen hun buitenschoolse tijd beter indelen en zijn alle leraren op eenzelfde tijdstip beschikbaar voor overleg. Een gemakkelijk te realiseren tijdwinst voor allen.

Lessentabel
Ondanks de al jarenlange hypes rond ‘omgaan met verschillen’, ‘maatwerk’ en ‘gepersonaliseerd leren’ vind je nog op heel wat scholen een lessentabel die bijvoorbeeld voor alle leerlingen in 4 havo hetzelfde is. Dat leidt onder meer tot de paradoxale situatie dat een slimme leerling (met extra vakken) langer op school zit dan zijn minder slimme collega. Het leidt vaak ook tot erg kleine clustergroepen in de bovenbouw waardoor in de onderbouw soms klassen van 30 leerlingen ontstaan. Volledig onnodig, maar wel werkdrukverhogend. De oude cluster- en roostertechnieken leiden ook tot gatenkaasroosters voor leerlingen of onhandige roosters voor leraren met veel weglekkende tijd.

Toetsing
Het maken, nakijken en administreren van toetsen kost docenten veel tijd en levert een behoorlijke bijdrage aan de werkdruk. Omdat de meeste toetsen summatief van aard zijn (met consequenties voor determinatie en doorstroming) moet er extra werk verricht worden voor de nauwkeurigheid en administratie. Leraren verzuchten wel eens dat zij geen tijd hebben voor de zo belangrijke feedback aan leerlingen vanwege het vele toetsen. Een reductie van 50% van de werklast door toetsen is gemakkelijk te bereiken. In de eerste plaats door het aantal toetsen te verminderen en bijvoorbeeld het PTA drastisch te vereenvoudigen (nog steeds zijn er scholen die in de vooreindexamenklas al beginnen met het schoolexamen). In de tweede plaats is het helemaal niet nodig dat alle leerlingen in een klas alle toetsen moeten maken om de stof te beheersen. Volstaan kan worden om alleen die leerlingen een toets af te nemen (en het resultaat na te kijken), die het nodig hebben om aan de slag te blijven of waarover onzekerheid over het niveau bestaat. Veel leerlingen kunnen zelf hun niveau wel bepalen aan de hand van toetsen die zij zelf nakijken. Een intensief toetssysteem met louter summatieve toetsen houdt zichzelf in stand doordat docenten hiervan afhankelijk worden om leerlingen aan de gang te houden. En leerlingen zijn berekenend genoeg om alleen nog maar voor de toets te leren.

Tijdlekkages in de arbeidsorganisatie
Met arbeidsorganisatie wordt bedoeld hoe de mensen, die het werk doen, samen georganiseerd zijn. Zijn er teams, secties, teamleiders, directieleden, etc? En hoe verhouden die zich tot elkaar? Hoe zijn de verantwoordelijkheden en bevoegdheden verdeeld? Net als bij onderwijslogistiek kan ook de inrichting van de arbeidsorganisatie zich niet bepaald verheugen in een grote belangstelling van leraren. Dat is jammer, want arbeidsplezier, werkdruk en effectiviteit worden er voor een belangrijk deel mee gestuurd. Ervaren werkdruk heeft veel te maken met de regelmogelijkheden die een individu heeft. Wanneer er van alles moet dat niet zelf bedacht is of zelf geregeld kan worden, leidt dat tot verhoging van de ervaren werkdruk.

Gebrekkige teamvorming
Vrijwel alle vo-scholen geven aan dat er teamvorming is op de school. Maar vaak zijn het niet veel meer dan plenaire afdelingsvergaderingen die het stempel ‘team’ krijgen. Met onduidelijke verantwoordelijkheden en bevoegdheden en een teamleider, die vroeger afdelingsleider of coördinator genoemd werd. De meeste teams in het vo zijn te groot om effectief in samen te werken. Bijeenkomsten zijn vaak statische vergaderingen zonder veel inspiratie en samen leren. Zonde van de tijd. Ook wordt er in veel scholen niet effectief in secties samengewerkt. Het is dan erg afhankelijk van de toevallige samenstelling van de sectie of sectiebijeenkomsten iets opleveren.

Onduidelijke verdeling van verantwoordelijkheden en bevoegdheden
In scholen die hun organogram niet op orde hebben, waar het niet precies duidelijk is wie waarover gaat, wordt meer vergaderd dan in scholen die dat wel op orde hebben. In een professionele organisatiestructuur is het niet nodig om je overal mee te bemoeien, maar heb je tegelijkertijd wel alle ruimte om het eigen werk te organiseren in samenwerking met je directe collega’s.

Projectgroepen, werkgroepen, commissies, ontwikkelgroepen
In scholen die hun organisatiestructuur niet op orde hebben, wordt erg veel tijd verspild met vergaderen in allerlei werkgroepen en commissies. Zo gauw er een nieuw plan is, wordt er een project- of ontwikkelgroep ingesteld, omdat de staande organisatie niet is ingericht op het zelf vormgeven van ontwikkeling. Het veranderen via project- en werkgroepen is buitengewoon ineffectief, maar het lijkt wel een geconditioneerde reflex in scholen om veranderingen direct te koppelen aan het instellen van een werkgroep. Veel tijd en energie lekt daardoor weg, om nog maar te zwijgen van de frustraties die het oplevert.

Parttime werken
Parttime werken is een groot goed in het onderwijs, voor veel mensen aan te raden. Maar er zijn grenzen aan de baanomvang die nodig is om in een professionele organisatie (samen) te werken. Een parttimer kan het zich eigenlijk niet veroorloven om maar parttime te professionaliseren. Of om maar parttime te participeren in overleg en samenwerking. Een ondergrens kan natuurlijk nooit helemaal precies bepaald worden, maar de praktijk leert dat deze ongeveer bij 0,7 FTE ligt. Kleinere banen mogen niet voorkomen. Als die er wel zijn lekt er relatief veel tijd weg of kan er minder professioneel (samen)gewerkt worden.

Het wegwerken van de tijdlekkages
Bovenstaande voorbeelden geven aan dat er veel tijd gewonnen kan worden door de lekkages te stoppen. Daarbij is het goed om te bedenken dat tijdlekkage vaak ook het weglekken van energie betekent. Scholen die werk willen maken van het tegengaan van tijdlekkage doen er goed aan om eerst de lekkages in de arbeidsorganisatie aan te pakken. Want daardoor ontstaat een structuur waarbinnen de interventies in de onderwijslogistiek beter aangepakt kunnen worden. Je hebt dan slagvaardige teams en secties die binnen hun eigen bereik creatieve oplossingen kunnen bedenken en direct kunnen toepassen., omdat ze daar ook bevoegd toe zijn. Je bent dan ook af van de vaak doodslaande standaardisatie (alles moet voor iedereen gelden), die tot tijdrovende en ineffectieve procedures en protocollen leidt.

Ben van der Hilst is opleider van schoolleiders, consultant en onderzoeker. Hij was jarenlang docent en schoolleider in het vo. Verder lezen: ‘Blauwdruk voor de emergente school’ (hetlerenorganiseren.nl)

Inschrijven nieuwsbrief >>
Kennispartners >>